Techniek en zorg bundelen creatieve denkkracht voor de ontwikkeling van langdurig zieke kinderen

Van een bal die zieke kinderen actief uitnodigt om te bewegen tot een kauwgomballenautomaat met gezinsactiviteiten. Ruim twaalf ontwerpen zijn het bijzondere en veelbelovende resultaat van de samenwerking tussen artsen en designers. Vier jaar lang werkten artsen van het Prinses Máxima Centrum voor Kinderoncologie en designers van TU Delft samen met HandicapNL in het project ’Meedoen=Groeien!’. Een project dat financieel mogelijk gemaakt is dankzij de deelnemers van de VriendenLoterij. Met de ontwikkelde producten willen de organisaties de achterstand die langdurig zieke kinderen vaak oplopen in hun lichamelijke en/of psychosociale ontwikkeling voorkomen. Op 30 november a.s. sluit het project af met een eindsymposium waar de ontwikkelde producten worden gepresenteerd en een start wordt gemaakt met een langdurig Nederlands programma voor Design Innovatie in Gezondheidszorg.

Meedoen=Groeien

Marco Rozendaal, onderzoeker bij TU Delft en projectleider van ‘Meedoen=Groeien!’: “In nauwe samenwerking met patiënten, familie, therapeuten, oncologen en verplegend personeel zijn wij ontwerpen gaan maken die zowel de fysieke- als psychosociale ontwikkeling van kinderen stimuleren. Deze prototypes zijn uitgebreid getest in gezinnen met kinderen die behandeling voor kanker ondergaan. Gezinnen die de producten hebben gebruikt benadrukken het belang van het stimulerende effect dat de ontwerpen hebben. Zo geven een vader en moeder aan terwijl het kind speelt met de ontwerpen: “Wij hebben ook wel een bal thuis, en daar speelt ze ook wel mee, maar dit daagt veel meer uit om er wat mee te doen. Het speelgoed in een ziekenhuis is statischer; puzzeltjes en knutselen bijvoorbeeld. Dit soort ontwerpen geven wel direct beweging en energie.”

Ontwikkelingsgerichte zorg

De samenwerking tussen de verschillende disciplines, zorg, design en techniek, binnen ‘Meedoen=Groeien!’, heeft bijzondere resultaten opgeleverd. “Kinderen met kanker stimuleren om te bewegen, om te spelen, is heel belangrijk”, aldus Hanneke de Ridder, directeur ontwikkelingsgerichte zorg en cultuur van het Prinses Máxima Centrum. “Niet alleen als afleiding maar juist omdat het bijdraagt aan hun ontwikkeling, ondanks de zware behandeling die het kind moet ondergaan.”

Daniëlle Schutgens, directeur van HandicapNL voegt toe: “De waarde van dit onderzoek is groot. De opgedane kennis met betrekking tot ontwikkelingsgerichte zorg is voor de hele kinderrevalidatie breed inzetbaar, zoals ook voor kinderen met een handicap. Wij geloven in eerlijke kansen voor iedereen en niet achterlopen in je ontwikkeling tijdens je revalidatie draagt daar een belangrijke steen aan bij. Ook de ontwerpen die gezinnen ondersteunen in de zorg voor hun kind en helpen te focussen op de mooie dingen die er ook nog zijn, zijn heel waardevol. Want een handicap of langdurige ziekte is al ernstig genoeg. Je wilt niet dat je kind ook op andere vlakken achterstand oploopt.”